Zorg, politiek & maatschappij

Social Media

Social media worden onvermijdbare communicatiemiddelen in de gezondheidszorg. Steeds meer mensen gebruiken social media om informatie te zoeken, maar niet minder belangrijk, ook om informatie te delen. Er zijn talloze onderzoeken en publicaties te vinden op het internet over “zorg en social media”. Maar wat betekent dit eigenlijk voor ziekenhuizen? Moet je hierin meegaan of moet je je hier niet in mengen als zorginstelling?

Op het gebied van het inzetten van social media in de zorg wordt de laatste jaren een enorme inhaalslag gemaakt. Social media, zoals Twitter, Hyves, Facebook, LinkedIn, YouTube en blogs, zijn niet meer weg te denken uit het dagelijks leven van de consument. Het zoeken naar medische informatie staat op nummer drie in de top tien van Google zoekopdrachten. Alles draait om vinden, vergelijken, beoordelen, publiceren, delen en monitoren. Patiënten zoeken elkaar steeds meer op via social media. Ze zoeken informatie over hun aandoening of die van een naaste, om zichzelf voorafgaand aan een artsenbezoek goed te informeren over de mogelijke behandelingen. Daarnaast wordt er ook steeds meer over hun behandeling gedeeld via Twitter, Facebook, blogs, etc. Mensen kunnen op deze manier niet alleen de ervaringen die zij hebben van zich afschrijven, maar ook schrijven over hun ervaringen om anderen, met een gelijke aandoening, te informeren. Mensen met een chronische aandoening zoeken elkaar op het internet op, om op die manier een platform te creëren en zo elkaar te ondersteunen. Immers, je weet pas waar je het over hebt als je het zelf hebt ervaren.
Een klein aantal ziekenhuizen biedt voor sommige specialismen de mogelijkheid van telezorg en van online afspraken maken. Nog minder ziekenhuizen maken het voor patiënten mogelijk om hun dossier in te zien. Slechts een enkel ziekenhuis faciliteert patiënten om met elkaar in contact te komen en om ervaringen uit te wisselen over de ontvangen zorg. De ziekenhuizen beschikken vaak niet over eigen Facebook account en het gebruik van LinkedIn is nog beperkt. Maar ziekenhuizen hebben wel een taak om chronische zieken met een zelfde aandoening samen te brengen. Als ziekenhuizen LinkedIn-groepen zouden opzetten voor lotgenoten, dan zouden ze eenvoudig lotgenotencontacten kunnen organiseren. Zeker als een specialist een zeldzame chronische ziekte in zo’n LinkedIn groep behandelt.

Europa
Een mooi experiment vond plaats op drie locaties in Engeland onder de naam ‘Whole Systems Demonstrators’. De locaties waren een arme wijk in Londen, de rijke gemeente Kent en het plattelandsgebied Cornwall. In alle regio’s waren de patiënten enthousiast, omdat alle patiënten, voor aanvang een éénop- één training thuis kregen in het omgaan met de apparatuur en de wijze waarop de e-consulten tot stand kwamen. Patiënten legden via het internet contact met andere chronische zieken. Dit lotgenotencontact hadden ze voordien niet zo voorhanden. Daarnaast was er de mogelijkheid om gratis te bellen met een helpdesk met een verzoek voor ondersteuning. “Patiënten waren er aangenaam door verrast”, zo vertelde Andrew Forrest, die het experiment in Cornwall leidde. Hij deed zijn verhaal tijdens het internationale telezorgcongres in Londen op 2 en 3 maart.

Het platform Hospitals EU heeft deze groeispurt inzichtelijk gemaakt, door alle ziekenhuizen aan te schrijven over hun inzet op het gebied van social media. Hospitals EU is een initiatief dat is gebaseerd op de lijst “American list of Hospitals”. Ziekenhuizen lijken zich massaal te registreren op de diverse social media platformen. Nederland loopt hierin mee aan kop, terwijl het in Duitsland nog in de kinderschoenen staat.


Het Maasstad Ziekenhuis inspireert
Het Maasstad Ziekenhuis is het meest vooruitstrevend in het gebruik van social media en geeft hiermee een goed voorbeeld van hoe social media ingezet kann worden. Hun overall social media aanwezigheid is erg consistent en volledig. Ze zijn daarnaast op alle platformen die gemeten zijn aanwezig. Ook zijn ze op alle kanalen actief met het plaatsen van content. En minstens zo belangrijk: de instelling gaat de dialoog aan met volgers, vrienden etc. Mede hierdoor heeft de instelling meer dan 1.200 volgers en 32.000 views op YouTube. Ook Koninklijke Visio, de organisatie voor revalidatie en training van mensen met een visuele beperking, laat zien hoe LinkedIn en Hyves goed ingezet kunnen worden. Bij de hyve van het ziekenhuis kan je terecht voor de nieuwste foto’s en filmpjes en patiënten kunnen hun mening achterlaten voor de redactie. Ook hebben ze een officiële pagina op het internationale Facebook. Je leest er de laatste nieuwsberichten en ook daar kunnen patiënten hun mening plaatsen over het ziekenhuis.

Via Twitter houden ze iedereen op de hoogte van het allerlaatste nieuws. Regelmatig sturen mensen een bericht naar “@maasstadzknhuis”.Vacatures binnen het Maasstad Ziekenhuis zijn ook te vinden op twitter.com Daarnaast heeft het ziekenhuis al een behoorlijk archief met filmpjes opgebouwd op het eigen YouTubekanaal. Je vindt hier een verzameling van filmpjes over het Maasstad Ziekenhuis. Het online zakelijke netwerk wordt door het Maasstad Ziekenhuis opgebouwd via LinkedIn. Foto’s van evenementen worden op het internet gedeeld via Picasaweb. (Bronnen IZovator en www.maasstadziekenhuis.nl)


eHealth ontwikkelingen sneller dan onderzoekers onderzoeken kunnen
De gemiddelde levensduur van software eHealthprogramma’s bedraagt circa twee jaar, daarna is er al weer een nieuwe versie beschikbaar. De gemiddelde levensduur van apparaten, app’s en devices bedraagt ook zo’n twee tot drie jaar. De gemiddelde periode van een evaluatieonderzoek is vaak langer dan drie jaar (van opstellen tot en met publiceren). Dat houdt in dat evaluatieonderzoek van eHealth altijd achter de feiten aanloopt. De gepubliceerde uitkomsten betreffen meestal een inmiddels verouderd softwareprogramma of apparaat. Toch blijft evaluatieonderzoek nodig om te beslissen welke patiënten wel en welke patiënt geen telezorg aangeboden moeten krijgen en om te interpreteren wanneer een signaal uit de telemonitoring al dan niet moet leiden tot ingrijpen door de arts of verpleegkundige op de zorgcentrale.

Zonder onderzoek bestaat ook het grote gevaar, dat telezorg alleen maar additioneel werkt en geen traditionele face-to-face contacten vervangt. Er zijn andere methoden nodig om telezorg te onderzoeken en te beoordelen. Snellere rapportages zijn mogelijk, indien data over gebruikerservaringen, klinische uitkomsten en kosten routinematig verzameld, geaggregeerd en geanalyseerd worden. Deze methode staat in de Nederlandse geestelijke gezondheidszorg bekend als ‘rommen’ ofwel als routine outcome monitoring.


Interactieve dialoog
Traditionele media praten tegen mensen. Social media praten met mensen! De consument deelt continu informatie op het internet, zowel goede als slechte ervaringen. Als ziekenhuis wordt het steeds belangrijker om bij te houden wat er over je wordt geschreven en om daar (pro)actief op in te spelen. De positieve berichten kunnen ingezet worden in zowel de interne als externe communicatie. Bij de negatieve uitlatingen kan het ziekenhuis ook een belangrijke rol spelen door in discussie te gaan met de consument. Door te achterhalen waar de frictie zit en hier op in te spelen, kan vaak een groot deel van de negativiteit worden weggenomen, omdat de consument de aandacht krijgt waar hij/zij naar verlangt. Anderzijds kan de instelling van haar fouten leren en mogelijke verbeteringen doorvoeren.

Terug naar Zorg, politiek & maatschappij