De toekomst van de gezondheidszorg, hoe ziet die eruit? In de media krijgen we vooral de high-tech snufjes te zien, zoals robots en nanotechnologie. Zo ver van huis hoeft het allemaal niet: er verandert ook veel om de hoek van de straat. Bijvoorbeeld in Gezondheidscentrum Waterlinie in Uithoorn, waar het begrip one-stop-shopping voor patiënten een heel eigen invulling krijgt.
Voor de huisarts van pakweg vijftig jaar geleden, die per definitie solist was en van wie de vrouw de administratie deed (want de huisarts van toen was ook per definitie een man), zouden de huidige huisartsenpraktijken al een openbaring zijn. Meerdere huisartsen die hun praktijk in één gebouw hebben en die daar samenwerken met assistenten en praktijkondersteuners die deels zelf medische taken uitvoeren, en met diverse paramedici. En bovendien overal computers waarin de gegevens over de diagnose en de behandeling van patiënten worden opgeslagen en gedeeld met de collega’s.
Anno 2011 is dat de status quo. Maar hoe zou de gezondheidszorg er over tien, twintig jaar uit kunnen zien?
Er zijn groepen huisartsen die zich een decennium geleden die vraag al gesteld hebben. Zij verwezenlijken op dit moment de gezondheidszorgcentra van de toekomst: centra waar naast de eerstelijnszorg ook de tweede lijn een vaste plaats heeft gekregen en huisartsen en specialisten nauwer met elkaar samenwerken. Centra waar bovendien regionale zorginstellingen en commerciële zorgleveranciers onderdak vinden. Uiteindelijk kunnen er daardoor nieuwe vormen van samenwerking en misschien zelfs nieuwe vormen van zorg ontstaan.
Het Uithoorns Huisartsen Collectief (UHAC) is zo’n groep huisartsen die de stap heeft gemaakt naar een gezondheidscentrum dat patiënten de meest voorkomende zorg direct onder één dak biedt.
Direct door
Het gezondheidscentrum van de toekomst staat zomaar aan de Provincialeweg in Uithoorn. Een kantoorpand waar de bouwvakkers nog maar net hun spullen hebben gepakt, met een ruime parking, twee verdiepingen, en een begane grond die je eerder zou verwachten bij een winkelcentrum. Een rij shops voert naar de entree: een audicien, een medische speciaalzaak, een optiek, een apotheek.
De borden in de centrale hal maken duidelijk hoeveel verschillende diensten en specialismen onder één dak zijn samengebracht in Gezondheidscentrum Waterlinie. Om te beginnen natuurlijk de tien samenwerkende Uithoornse huisartsenpraktijken, en daarbij ook de bekende paramedische specialismen fysiotherapie, diëtetiek, logopedie en verloskunde. Daarnaast zijn er ook veel zorginstellingen in het gezondheidscentrum gehuisvest: het consultatiebureau, de GGZ, het jeugdriagg en organisaties voor thuiszorg, mantelzorg en verslavingszorg.
Eén hele vleugel wordt ingenomen door poliklinieken van het Amstelveense Ziekenhuis Amstelland: specialisten van de disciplines KNO, Dermatologie, Gynaecologie, Orthopedie, Chirurgie, Neurologie, Oogheelkunde en Urologie houden spreekuur in het gezondheidscentrum. Ook wordt er radiologisch en laboratoriumonderzoek uitgevoerd.
“Patiënten zijn daar nog verbaasd over,” zegt Hans Padding, huisarts in Gezondheidscentrum Waterlinie. “Na het consult kunnen ze direct door om bloed te laten prikken of foto’s te laten maken – aan de andere kant van de gang.”
Het is een heel concreet voorbeeld van de integratie van eerste- en tweedelijnszorg, en het gemak dat een alles-in-een gezondheidscentrum betekent voor de patiënt. “Het is voor iedereen een voordeel. Voor het ziekenhuis is dit een fantastische mogelijkheid om de zorg dichterbij de patiënten te brengen, voor ons betekent het dat we patiëntvriendelijker en efficiënter kunnen werken en voor de patiënt is het allemaal veel gemakkelijker en sneller.”
Zorgstraat
De samenwerking met de tweede lijn gaat in de nabije toekomst tot nog meer geïntegreerde vormen van zorg leiden. “We zijn bezig met het ontwikkelen van zorgstraten,” vult Erik Lubbers aan. “Bijvoorbeeld een gehoorzorgstraat, waarin we als huisartsen nauw gaan samenwerken met de KNO-artsen en met de audiciens. In dat verband ontwikkelen we een protocol voor patiënten met gehoorklachten, zodat er duidelijke afspraken zijn over wie wat doet. Met de toenemende vergrijzing wordt het steeds belangrijker om zo efficiënt mogelijk met tijd en middelen om te gaan, en het ontwikkelen van zorgstraten kan ertoe bijdragen dat niet iedereen meteen meer naar de specialist hoeft.”
Een andere ontwikkeling die ervoor zorgt dat eerste en tweede lijn dichter naar elkaar toe groeien, is dat er door het samenwerkingsverband van de huisartsen meer ruimte komt voor de individuele huisartsen binnen de groep om zich verder te specialiseren.
Zo heeft binnen het Uithoorns huisartsencollectief, dat al meer dan vijftien jaar bestaat, een van de collega’s zich erop toegelegd om naast het reguliere werk sterilisaties uit te voeren, en is er een collega die zelf echo’s maakt. Een derde collega is huisarts met een oogheelkundige specialisatie, en voert onder andere zelf fundoscopie uit. Het valt te verwachten dat voor hen de bredere samenwerking met de poliklinieken van Ziekenhuis Amstelland en met andere zorg- en dienstverleners tot verdere verbreding en verdieping zal leiden. Goed voor de arts én voor de patiënt.
Ruggespraak
Sowieso biedt de samenwerking met meerdere huisartsen voordelen op het vlak van kennisoverdracht. Hans Padding: “Je kunt gemakkelijker eens ruggespraak plegen of een collega vragen om even mee te kijken of te helpen, bijvoorbeeld bij het inbrengen van een katheter.”
Dat de praktijken samengevoegd zijn in sub-units is daarbij een belangrijk pluspunt. “We hebben er heel bewust voor gekozen om niet met alle tien praktijken samen te gaan, maar te clusteren in units van drie en vier. Dat houdt het overzichtelijk. En we wilden niet ondergaan in een vergadercultuur. Deze opzet is praktisch.”
Een andere bewuste keuze was om geen manager aan te stellen, maar een algemeen coördinator, die ondersteunt op financieel vlak en voor personeelszaken. “Een manager zou niet passen in onze cultuur. We zijn echt een zelfsturend collectief, willen het zelf voor het zeggen hebben. Tegelijkertijd kun je natuurlijk niet zonder de nodige expertise en ondersteuning.”
Er zijn legio andere voordelen voor de huisartsen aan het samenwerken in een gezondheidscentrum: naast elkaar stimuleren en van elkaar leren, zijn er praktische voordelen. Zo zijn er geen noodoplossingen meer nodig als de assistente zich ’s morgens ziek meldt. Voor een solist is er kunst- en vliegwerk nodig, binnen het grotere geheel van het gezondheidscentrum is een oplossing snel voor handen. Kwaliteitsprojecten rusten ook niet meer op de schouders van één persoon, maar kunnen samen worden opgepakt, bovendien in samenwerking met de kwaliteitscoördinator. En daarbij kan de begeleiding van huisartsen in opleiding worden verdeeld over de verschillende sub-units.
Niet alles verloopt natuurlijk even soepel. Al met al, vertelt Hans, is het een traject van meer dan tien jaar geweest, met de nodige ups en downs. Nu het dan zover is, is het soms ook even wennen. Ook voor sommige patiënten. “Het punt voor oudere en minder mobiele patiënten is dat we wat verder weg zitten, niet meer in de eigen wijk. Nu zeg ik soms voor de grap: we hebben dat expres gedaan, hoor; bewegen is goed voor u. Maar we hebben een busje met chauffeur die oudere of minder valide mensen kan ophalen en weer naar huis brengen.”
Voortraject
Als er iets belangrijk is in het voortraject, dan is het om goed te plannen en na te denken over de invulling van zaken als financiën en ICT. Hans Padding: “We hebben er jaren geleden met de Uithoornse huisartsen al heel bewust voor gekozen om met z’n allen met één systeem te gaan werken, namelijk met MicroHIS. Dat vergemakkelijkt vooral de waarneming: omdat we op een centrale omgeving zitten, kunnen we rechtstreeks inloggen op elkaars dossiers. Dat geldt ook voor de huisartsenpost, die via een interface een samenvatting van het dossier kan opvragen.”
“Het is alleen een kwestie van de patiënt even vragen of hij dat goed vindt, en dat akkoord wordt eigenlijk altijd gegeven,” zegt Erik Lubbers. “De uniformiteit in de overdracht van gegevens is een voordeel voor het waarnemen. Je weet allemaal te vinden waar het staat.” Bovendien staan op maandagmorgen alle berichten van de huisartsenpost al klaar in het systeem.
Ook voor de assistentes en de praktijkondersteuners is het gemakkelijk dat iedereen met hetzelfde systeem werkt, nu het gezondheidscentrum een feit is.
One-Stop-MicroHIS
Met MicroHIS is het huisartsencollectief overigens voorzien van een systeem voor praktijkvoering en kwaliteitsbewaking in één. Behalve de huisartsen, de assistentes en de praktijkondersteuners, werkt namelijk ook de zorg- en kwaliteitscoördinator van Gezondheidscentrum Waterlinie, Ilja Snik, met MicroHIS. Ilja is voor de Stichting Samenwerking Eerstelijnszorg Uithoorn (SEZU) verantwoordelijk voor de zorgprogramma's en voor de kwaliteitsverbetering daarin. Voor haar zijn niet de individuele patiëntdossiers relevant, maar gaat het om de gegevens over de patiëntgroepen waarvoor het gezondheidscentrum geïntegreerde eerstelijnszorg verzorgt: patiënten met COPD, Parkinson en hartfalen.
“Natuurlijk willen we weten of over de hele groep patiënten met bijvoorbeeld hartfalen het aantal terugverwijzingen naar de tweedelijnszorg afneemt door de gecoördineerde zorg. Blijven patiënten stabieler door de geïntegreerde zorg met de huisarts en de hartfalenverpleegkundige?”
“Maar het gaat verder dan de kwaliteit van zorg. Ook de kwaliteit van leven is iets wat tegenwoordig steeds meer de aandacht krijgt, zeker ook van zorgverzekeraars. We bevragen patiënten over de zorg die ze krijgen, zoals mantelzorg en fysiotherapie, en over de kwaliteit van leven die ze ervaren. Om te beginnen bij de anamnese, en daarna nog een aantal keren per jaar, op momenten dat we een patiënt zorg leveren. Naast de WCIA-bepalingen leggen we al die gegevens vast voor individuele patiënten. Op groepsniveau willen we daar rapportages over kunnen uitbrengen.”
“Een consultant van iSOFT heeft er voor gezorgd dat er per patiëntgroep een onderzoek voor ons is aangemaakt in MicroHIS, zodat we de nodige gegevens uit het systeem kunnen halen en kunnen laten zien dat de kwaliteit van zorg en de kwaliteit van leven erop vooruitgaan met geïntegreerde zorg.”
En daarmee zijn we terug bij waar het allemaal om begonnen was: geïntegreerde zorg voor een betere kwaliteit van leven voor de patiënt, tegen lagere kosten. Steeds meer zorgverleners kiezen ervoor om in gezondheidscentra samen te werken. Huisartsencollectieven, regionale ziekenhuizen, instellingen en zakelijke partners realiseren gezamenlijk topzorg voor patiënten in hun eigen gemeente. Gezondheidscentrum Waterlinie toont de toekomst.
--------------------------
Lessen uit de praktijk
Samengaan in één gezondheidscentrum, er bestaat geen protocol of richtlijn voor. De artsen van het Uithoorns Huisartsen Collectief leerden en leren het in de praktijk. Voor wie ook overweegt om samen met andere zorgverleners een gezondheidscentrum op te zetten, hebben zij de volgende tips.
-
Geven en nemen
Vóór alles is een samenwerkingsverband het aangaan van een relatie. Je stapt in een collectief, met veel anderen, die allemaal anders in elkaar steken en een andere mening hebben. Je moet water bij de wijn durven doen, anders werkt het niet.
-
In goede en in slechte tijden
Wat goed helpt bij het verstevigen van de werkrelatie, is een samenwerkingscontract, zodat iedereen weet waar hij aan toe is. Vergelijk het met trouwen. Je gaat er niet vanuit dat je uit elkaar gaat, maar je kunt de dingen beter wel goed regelen voor het geval dat. Bovendien zorgt het contract voor extra commitment.
-
ICT: op één lijn
Zorg ervoor dat je allemaal met één informatiesysteem werkt, dat je één provider hebt, en dat je goede afspraken maakt met ICT-leveranciers. Vergeet ook de infrastructuur niet; denk bijvoorbeeld aan het op tijd regelen van de glasvezelkabel.
-
ICT: one-stop-shopping
Voor patiënten ben je zelf de one-stop-shop, voor de ICT regel je een one-stop-shop. Zorg ervoor dat je één partij of leverancier als verantwoordelijk aanwijst, en laat die alles regelen. Dat zorgt voor helderheid, en het spaart veel geld en tijd.
-
Think big
Een groot gezondheidscentrum is nieuw voor veel leveranciers van hardware, kantooruitrusting en communicatiesystemen. Het is dus belangrijk om goed de vertaalslag te maken naar wat je precies wilt, en je leveranciers ook mee te nemen naar andere grote gezondheidscentra om hen een idee te geven van de vereisten en de schaalgrootte.
-
Ieder zijn vak
Bij het opzetten van een groot gezondheidscentrum kun je eenvoudigweg niet zonder externe adviseurs en gespecialiseerde medewerkers. Externe adviseurs zijn in de aanloopfase vooral belangrijk op juridisch en op financieel vlak. Daarna is het raadzaam om voor personeelszaken, lopende financiële zaken en logistieke ondersteuning één of meer medewerkers aan te nemen.
-
Investeren
Het kwam al ter sprake bij geven en nemen: een gezondheidscentrum is een investering. Ook letterlijk: er zijn stevige aanloopkosten, en bij het verdelen van de kosten zal soms de een, soms de ander wat meer kwijt zijn.
-
Met het oog op de toekomst
Voor het opzetten van een groot gezondheidscentrum is een lange adem nodig. Het gaat om een traject van jaren. Het is belangrijk dat er een drijvende kracht is, iemand met visie en doorzettingskracht. En dat iedereen zich realiseert dat het uiteindelijk een investering in de toekomst is.
Terug naar Zorg, politiek & maatschappij